Bedrijfsmaatschappelijk werker Floris van Hee | Werk en Welzijn

Floris van Hee 

Aangenaam...

Over mij

Al sinds ik een kind was vond ik het interessant dat ik mij op het ene moment helemaal in mijn element voelde, en op een ander moment niet lekker uit de verf kwam. Dit besef ontstond toen ik in groep 4 van Elburg naar Assen verhuisde. Waar ik in mijn oude klas goed mee kon komen, voelde alles in de nieuwe omgeving anders. Ik kon het niet goed vinden met de leraar, wist me geen houding te geven, slikte mijn woorden in en trad vooral niet op de voorgrond. Hetzelfde merkte ik in sportteams en vriendengroepen: in de ene omgeving was ik volledig mezelf, terwijl ik in een andere omgeving voortdurend op mijn tenen liep.

Later ontdekte ik dat mijn gevoel en gedrag voor een groot deel worden beïnvloed door mijn omgeving. Ik merkte dat een veilige omgeving waarin ik mij erkend, gezien en gehoord voelde altijd het beste in mij naar boven haalde. Ik zag ook dat leraren, trainers en coaches een belangrijke rol spelen in het creëren van een omgeving waarin mensen kunnen groeien en floreren. Dit heeft mij altijd gefascineerd en zorgde ervoor dat ik bewust ben gaan kijken naar de inzichten die mijn visie op leven en werken hebben gedefinieerd. Het zijn pijlers die mijn eigen leven richting geven, en in het DNA van Werk&Welzijn zijn verweven.

Mijn middelbare school periode kenmerkte zich door weinig pieken en veel dalen, uiteindelijk ben ik op mijn zestiende van school gegaan. Achteraf gezien had dat minder met school zelf te maken, en meer met de vraag of ik op dat moment op de juiste plek zat. Die ervaring heeft mij geleerd dat motivatie niet altijd iets is wat ontbreekt; soms ontbreekt vooral een omgeving waarin iemand tot zijn recht komt.

Een groot deel van mijn leven heeft in het teken gestaan van vechtsport, en dan vooral kickboksen. Het heeft mij weerbaar gemaakt en mij het belang van ademhaling laten ervaren. Ik heb geleerd hoe ik door het reguleren van mijn ademhaling rust, focus en overzicht behoud, zelfs als ik onder druk sta. Een vaardigheid die goed van pas komt als iemand je op je neus probeert te stompen.

Want als je overzicht hebt, kun je jezelf beschermen. En als je je veilig voelt, leer je vertrouwen op je eigen kwaliteiten en kun je bewust kiezen hoe je reageert. In plaats van automatisch mee te bewegen in de drukte van het moment.

Daarnaast heb ik altijd aan krachtsport gedaan. Dat heeft mij iets geleerd wat ik vandaag de dag nog dagelijks meeneem: de kracht van discipline. Gewichten liegen nooit en geven directe feedback. Ze leren je de waarheid te nemen zoals die is. Vijftig kilo wordt niet lichter omdat ik dat graag wil; het voelt lichter omdat ik sterker ben geworden.

En daarvoor moet je structureel trainen. Want het is je niet gegeven en zonder training raak je het kwijt. Het heeft mij doen inzien dat vooruitgang niet ontstaat door één grote verandering, maar door kleine keuzes die ik iedere dag opnieuw maak.

Binnen mijn werk in de zorg en de GGZ heb ik geleerd om eerst te begrijpen en daarna pas begrepen te worden. Ik leerde vragen stellen en verder te kijken dan zichtbaar gedrag, om zo de werkelijke hulpbehoefte te achterhalen. Want gedrag is slechts het topje van de ijsberg. Onder de oppervlakte bevinden zich patronen, overtuigingen en verhalen die veel meer verklaren. Juist daar, in de schaduw, ontstaan de inzichten die nodig zijn voor duurzame verandering.

Als trainer heb ik verschillende trainingen ontwikkeld en gegeven. Daar heb ik gezien dat echte verandering niet begint bij systemen of procedures, maar bij mensen die begrijpen waarom iets voor hen belangrijk is. Want mensen willen wel veranderen, maar willen niet veranderd worden. Ik heb zelf ervaren dat duurzame verandering van binnenuit ontstaat. Het begint klein, groeit door bewustwording en ontwikkeld zich wanneer het onderdeel wordt van het dagelijks leven. Dit proces laat zich niet afdwingen, maar kan worden versterkt door positieve feedback, veiligheid en heldere kaders.

Als strategisch beleidsmaker op het gebied van scholing en ontwikkeling ontdekte ik dat mensen niet afhaken omdat ze niet willen, maar omdat ze niet meer voelen waarom hun werk ertoe doet. Binnen deze rol stelde ik mijzelf steeds vaker vragen als:

  • Hoe zorg ik ervoor dat mensen niet alleen aanwezig zijn, maar zich ook betrokken voelen?
  • Hoe krijg ik de neuzen dezelfde kant op?
  • Hoe creëer ik een omgeving waarin mensen hun unieke kennis en vaardigheden inzetten voor een gezamenlijk belang?

En nog belangrijker: hoe zorg ik ervoor dat dit blijft bestaan?

Deze vragen kregen nog meer waarde binnen mijn werk als casemanager verzuim en later als bedrijfsmaatschappelijk werker. Ik zie elke dag hoe context, gedrag, werk en welzijn elkaar voortdurend beïnvloeden.

Werk is meer dan een plek waar je alleen je geld komt binnenharken. Je brengt een groot gedeelte van je leven door op je werk. Wanneer jij je erkend, gezien en gewaardeerd voelt, ontstaat er vaak iets moois: meer betrokkenheid, meer energie en meer voldoening. Want aan het einde van de dag wil je niet alleen productief zijn geweest. Je wilt voelen dat wat je hebt gedaan ertoe doet.

Dit klinkt misschien niet zo ingewikkeld, en toch zie ik dagelijks dat veel organisaties en leidinggevenden het niet lukt om dat voor elkaar te krijgen.

Gelukkig voor jou houd ik mij al een groot deel van mijn leven bezig met deze vragen.

als je mij zou kennen zou je weten dat.....

Ik elke doordeweekse ochtend om 6:30 uur opsta, om vervolgens 3 kwartier te lezen, 15 minuten yoga te doen, 40 minuten sport of hardloop om vervolgens koud af te douchen zodat ik voor het werk al 4 dingen heb gedaan waar ik echt totaal geen zin in heb.


Wanneer het weer echt heel slecht is, ik naar buiten kijk, mijn hardloopschoenen aantrek en ga hardlopen. Omdat ik denk dat ik hierdoor een voorsprong heb op andere mensen, want niemand anders is zo gek om dit te doen.


Ik altijd verlies van mijn dochter met FIFA, en we soms het spel niet afspelen omdat ik zo geïrriteerd ben dat ik de hele sfeer heb verpest. En toch blijven we het elke keer weer spelen, want 1 op de 10 keer win ik, en dan is mijn dochter vet pissig, gnah gnah.


Ik het liefst elke dag patat zou eten, maar ik dit niet doe, omdat ik te ijdel ben om dik te worden.


Ik over het algemeen mijn woordje wel klaar heb, maar thuis door iedereen voor lul wordt gezet.